Terug naar Blogoverzicht

Door: 

0 REACTIES

Kijk jij nooit naar je bounce rate? Zou ik ook niet doen. Saaaaaai.

Nee, we gaan gewoon lekker bloggen. Google Analytics doen we later wel een keer. Toch? Uh-uh. Dacht het niet. Dat kan je veel bezoekers kosten. Want je bounce rate is een kwaliteitsmeter. Voor jou én voor Google.

De bounce rate (weigeringspercentage) van een webpagina is het percentage websitebezoekers dat deze webpagina heeft bekeken en daarna de site weer verlaat.

Een hoge bounce rate is voor Google een signaal dat je stukken niet deugen. Dat je bezoekers niet verder komen dan één pagina.

Digital Marketing en Analytics expert Avinash Aushik beschrijft de bounce rate zo:

“I came, I puked, I left”.

Dat is nogal een statement van een expert. Maar ook voor jezelf is het een belangrijk signaal. Want wat gebeurt op een perfécte website?

De lezer belandt op je homepage, hapt naar adem, leest drie regels, raakt op slag verliefd en schrijft meteen in op je nieuwsbrief. Vervolgens is hij uren onbereikbaar voor zijn vrouw en kinderen, want hij zapt van de ene link in je blog naar de volgende. En de volgende. En de volgende.

En hij komt niet als bouncer in je statistieken. Hoeveel bouncers is normaal? Ofwel: wat is een normale bounce rate? Je zou denken: hoe lager hoe beter. Maar het is ingewikkelder. Er zijn ook gevallen waarbij een hoge bounce rate acceptabel is.

Bijvoorbeeld bij een blog.

Als iemand jouw blogpost vindt omdat hij een zoekterm heeft ingetypt in Google, en meteen weer vertrekt, telt Google hem als bouncer.

Klopt, denk jij.

Maar als iemand via jouw nieuwsbrief naar je nieuwste blog komt, de blogpost leest en daarna weer vertrekt, telt Google analytics hem óók mee als bouncer.

Dat klopt niet, denk jij.

Want je lezer heeft precies gekregen heeft waar hij voor kwam. En daarna is weer vertrokken, omdat hij je website al langer kent. Hij hoeft niet verder te bladeren. Hij komt elke week voor het laatste nieuws.

Vervelende kwestie, hoe voorkomen we die tweede vorm van bouncing in de statistieken? Dat leg ik zo uit. Eerst even de basics.

Hoe wordt die bounce rate berekend?

Google noteert hoe lang een bezoeker op je webpagina verblijft. Bijvoorbeeld:
Bezoeker Jan komt om 13.01:40 uur op jouw pagina A. Om 13.01:50 klikt Jan door naar pagina B. Om 13.02:30 gaat hij naar pagina C. Daarna verlaat hij de site.

Google Analytics trekt de tijd (time stamp) van pagina B af van de tijd van pagina A. Jan was 40 seconden op pagina A. Daarna trekt Google time stamp van pagina C af van pagina B. Jan was ook  40 seconden op pagina B.

Maar de tijd die Jan doorbracht bezoeker op pagina C kan Google niet berekenen. Immers: er is geen pagina D om iets vanaf te trekken.
Dus: als Jan 5 minuten op pagina C was gebleven, stond hij nog steeds gerapporteerd voor 0 seconden.

Schematisch ziet dat er als volgt uit:

Time on Site Bounce Rate

De Bouncerate werkt eigenlijk net zoals bovenstaand voorbeeld. Omdat hij maar één pagina bezoekt weet Google Analytics niet hoe lang hij er bleef. Er bestaat immers geen time stamp van pagina B. Dat betekent een bounce. Ook al was Jan 5 hele minuten op je pagina.

Eigenlijk geeft de bouncerate een gebrek aan communicatie. Mensen klikken niet door. En op een website is doorklikken een vorm van verbintenis.

Dit klinkt wat zwaar, maar toch is het zo. Want pas na een verbintenis gaan mensen meer voor je doen. Bijvoorbeeld: zich abonneren op je nieuwsbrief of iets van je kopen.

Daarom: 11 tips om je bouncerate te verlagen

1. Voeg een extra code toe aan Google Analytics

Aan de Google Analytics code op je site voeg je extra code toe.
Hierdoor zorg je ervoor dat (bijvoorbeeld) na 2 minuten een bezoek niet als een bounce wordt gerapporteerd.
Na 2 minuten vindt er een soort registratie plaats dat iemand 2 minuten op je pagina was.
Hieronder vind je de code. Je stelt zelf het tijdstip in dat de registratie plaatsvindt. In onderstaand voorbeeld is dat 2 mniuten.
Als je niet weet hoe dit werkt vraag het dan aan je webbouwer 🙂

<script type=”text/javascript”>
var _gaq = _gaq || [];
_gaq.push([‘_setAccount’, ‘UA-XXXXXXX-1’]);
_gaq.push([‘_trackPageview’]);
setTimeout(“_gaq.push([‘_trackEvent’, ‘120_seconds’, ‘read’])”,120000);
(function() {
var ga = document.createElement(‘script’); ga.type = ‘text/javascript’; ga.async = true;
ga.src = (‘https:’ == document.location.protocol ? ‘https://ssl’ : ‘http://www’) + ‘.google-analytics.com/ga.js’;
var s = document.getElementsByTagName(‘script’)[0]; s.parentNode.insertBefore(ga, s);
})();
</script>

Als je meer wilt weten over Google Analytics en Adjusted bounce rate dan is dit artikel van Google een goede bron.

2. Intern linken

Intern linken is het plaatsen van een link van pagina A naar pagina B binnen je eigen website.

Intern linken doe je naar pagina’s op je eigen site die relevant zijn voor de inhoud van het blogartikel dat je schrijft.

Tips voor intern linken:

  • Als je intern wilt linken dan moet je wel genoeg pagina’s op je site hebben. Steeds linken naar dezelfde pagina’s wordt saai voor je lezers
  • Link altijd naar pagina’s die dieper in je site liggen. Link bijvoorbeeld niet naar je homepage en naar pagina’s die in je menu hangen.
  • Link naar pagina’s die ook echt te maken hebben met het onderwerp waar de pagina over gaat. Anders bouncen je bezoekers weer terug ☺
  • Link met beschrijvende anchor teksten. Wat bedoel ik daarmee? Probeer je links niet vol te stoppen met zoekwoorden omdat je op die manier hoog wilt scoren in Google.  Denk aan je lezer. Je schrijft voor je lezer, niet voor Google.

3. Call to actions

Het plaatsen van een duidelijke Call to Action vergroot de kans dat de bezoeker doorklikt.

Wat is een Call to Action?

Een oproep om een handeling te verrichten. (Koop nu! Download hier! Ja, stuur mij de folder!)

 Call to action voor lagere Bounce Rate

4. Video’s

Het plaatsen van video’s zorgt er niet direct voor een lagere bounce rate. Maar het verlengt wel de tijd die iemand op je pagina verblijft. Daardoor is de kans op doorklik groter. En dat wil je.

Wat voor video’s werken het beste?

  • Testimonials
  • Video’s waarin iets wordt uitgelegd (How-to-videos)
  • Uitleg over een product

Welke video’s werken niet? Plichtmatige, vervelende, net iets te lange bedrijfspresentaties met lelijke muziek.

5. Slechte artikelen vinden in Analytics?

Kijk in Google Analytics naar de slecht presterende bestemmingspagina’s van je site.

Waar die staan zie je in het plaatje hieronder.

Bestemmingspagina's om Bounce Rate te verlagen

De slechtst presterende artikelen op basis van bounce rate en gemiddelde bezoekduur haal je eruit. Je checkt ze en je lost het probleem op.

Dingen die je kunt doen zijn o.a.: herschrijven, video’s toevoegen, of de pagina’s eruit gooien.

 6. Schrijf onweerstaanbare titels

Het schrijven van goede koppen is een vak apart. Probeer de nieuwsgierigheid van je lezer te wekken.

7. Schrijf lange pagina’s

Er suist een hardnekkige mythe rond dat mensen zo weinig mogelijk willen lezen op internet en dat webpagina’s zo kort mogelijk moeten zijn. Dat is niet waar.

Mensen lezen op internet scannend, tót ze iets interessants tegenkomen. Dan gaan ze opletten. Lange pagina’s met supergoede informatie zorgen ervoor dat mensen langer op je site blijven.

De kans dat ze doorklikken naar andere pagina’s binnen je site wordt ook groter, als ze tevreden zijn over je inhoud.

8. Webdesign

Mooi en duidelijk webdesign geeft vertrouwen. En dat zorgt ervoor dat een bezoeker langer op je site blijft, eerder klikt en vaker doorklikt.

In mijn beginjaren als internetondernemer gebruikte ik 2 standaard WordPress Themes als mijn bedrijfswebsite.

Toen ik overging op een origineel design merkte ik meteen het verschil.

Bezoekers bleven langer op mijn site en de bounce rate werd lager. Niet spectaculair, maar wel met 9%. Dat is toch best aardig.

9. Zorg dat de pagina aansluit bij de zoekvraag van de bezoeker

Zorg ervoor dat je pagina gaat over wat je belooft met de kop en de zoektermen. Anders is je lezer zo weg. Logisch eigenlijk.

Niet zomaar volproppen met keywords, dus.

10. Snelheid

Pagina’s die langzaam laden, leiden aan hoge bouncerates, en lage gemiddelde Time on Page.

Dit geeft aan dat de een pagina/website die snel laadt meer betrokkenheid heeft van bezoekers.
Zorg er dus voor dat je site snel laadt.

Er zijn genoeg gratis tools om je site te testen.

Hieronder vind je er een aantal:

Deze tools geven je naast de snelheid van een webpagina ook suggesties hoe je de pagina in kwestie sneller kunt maken.

11. Optimaliseer voor mobiel

Je desktopversie zichtbaar hebben op een smartphone of handheld (bijv. iPad) is niet handig.

Vaak zijn deze versies van een website slecht leesbaar op een mobiel apparaat.
En slecht lezende versies zullen je bounce rate alleen maar verhogen.

Om dit te ondersteunen het volgende feit van mijn eigen website:

Op dit moment is mijn desktopversie zichtbaar op smartphone’s en handheld computers (zoals iPads).

Dat is geen ideale situatie kan ik je zeggen.

Mijn bounce rate via mobiel verkeer is op dit moment 13% hoger dan via desktop verkeer.

Aangezien ik op dit moment bezig ben met een nieuwe site, en een responsive website, kan ik deze klunzigheid best met je delen…

Conclusie

Kijk uit met bounce rate als enige middel om het succes van je website te bepalen.
Zoals al eerder aangegeven hoeft een hogere bounce rate helemaal niet slecht te zijn.
Zeker niet voor blogs. Alleen is meer dan 80% zeker een reden om je zorgen te maken.

Maar als je bovenstaande 11 zaken goed implementeert dan zie je zeker een verlaging van je bounce rate.

Comments are closed.